0

Pepijn Rehe over de CDD-struggle van de Nederlandse banken

BlogLegalFinanceAlgemeen / 11-10-2019

“Liever een miljoenenboete dan als boef op de voorkant van het FD?”

Problemen met de afhandeling van het derivatendossier. Ontoereikende anti-witwasprocedures. En zelfs het faciliteren van witwassen. Deze praktijken hebben het imago van de Nederlandse grootbanken de afgelopen jaren een flinke deuk toegebracht. Om hun imago te herstellen én om te voldoen aan de zorgplicht opgelegd vanuit DNB, draaien de KYC-afdelingen van de banken nu overuren. Dat de regelgeving op verschillende manieren te interpreteren is en de lat van DNB hoog ligt, maakt het er niet makkelijker op. Pepijn Rehe, als Business Manager bij EIFFEL verantwoordelijk voor de Rabobank en ING, ziet deze struggle dagelijks bij de banken. Hij pleit dan ook voor één centraal orgaan dat alle klanttransacties monitort en verantwoordelijk wordt voor de volledige handhaving. Zodat de banken weer kunnen focussen op heldere communicatie en een goede klantrelatie.

Vertrouwen komt te voet en gaat te paard

In het boek “Moneyland” laat onderzoeksjournalist Oliver Bullough ons zien hoe de superrijken, de criminelen en de multinationals er - mét medeweten en medewerking van banken - in slagen hun geld uit handen van de belastingdienst te houden. Een verbijsterende realiteit, die op het hoogtepunt van de financiële crisis van 2008 er mede toe leidde dat verschillende grote banken omvielen of op zijn minst flinke imagoschade leden. Sindsdien hebben beleidsmakers als de AFM en DNB de duimschroeven flink aangedraaid om onverantwoorde risico’s te voorkomen en het imago van de banken weer te herstellen.

De bijbehorende sancties zijn niet mis: zo kreeg ING een boete van maar liefst 775 miljoen euro voor ernstige nalatigheid: fraudeleuze transacties werden wel gesignaleerd, maar er werd geen actie op ondernomen. Rabobank kreeg een boete van één miljoen euro voor tekortkomingen in hun customer due diligence. Triodos Bank kwam weg met een waarschuwing wegens onvoldoende inzicht in hun klanttransacties. Desastreus voor hun imago, want vertrouwen komt te voet en gaat te paard. Daarom zijn de banken nóg bezorgder over de impact van CDD op de publieke opinie dan over de sancties. Soms lijkt het wel alsof ze liever een miljoenenboete betalen dan als “boef” op de voorkant van het FD te komen.

Heldere communicatie van cruciaal belang voor klantrelatie

Nu, meer dan 10 jaar verder, krabbelen de banken langzaam op uit het diepe dal. Op het gebied van CDD wordt een enorme inhaalslag gemaakt. De banken zijn gestart met vastleggen en monitoren van transacties en klantprofielen. Het implementeren van systemen voor data-analyse. Het inrichten van KYC-afdelingen. Allemaal met als doel om beter en sneller antwoord te kunnen geven op vragen als:

  • Hoe komt deze klant aan zijn vermogen?
  • Waar verdient hij zijn geld mee?
  • Wat zijn ongebruikelijke transacties?
  • Welke branches geven een verhoogd risico op criminele activiteiten?
  • Welke bedrijfsstructuren vormen een risico?

Deze risico-inschattingen brengen ook communicatievraagstukken met zich mee. Want hoe laat je klanten zien dat dit ook belangrijk voor hen is, zodat ze willen helpen de problemen op te lossen? En wat als de integriteit van een klant wordt betwijfeld, hoe communiceer je dat dan? Wanneer neem je de stap om de relatie te beëindigen en kan dat überhaupt? Iedereen heeft immers recht op een bankrekening.

Heldere communicatie is zeker bij CDD van cruciaal belang voor een goede relatie met je klanten. Maar als de banken door onduidelijkheid vanuit DNB zelf niet eens precies weten waar ze op moeten letten, hoe kunnen ze dit dan duidelijk overbrengen aan hun klanten?

Onduidelijke regelgeving leidt tot vreemde situaties

Een belangrijke oorzaak van alle onduidelijkheid rondom CDD is dat elke bank de regelgeving op zijn eigen manier interpreteert. Dat moet wel, want op dit moment is samenwerking tussen banken op het gebied van CDD uitgesloten. Daardoor ontstaan vreemde situaties. Bijvoorbeeld een klant die bij de ene bank wordt geweigerd vanwege een onacceptabel risicoprofiel en bij de andere bank wel een rekening of lening krijgt.

En net als de banken denken dat ze nu eindelijk voldoen aan de zorgplicht, worden er door DNB weer multi-interpretabele regels uitgevaardigd. Nog meer regels om witwassen en financiering van terrorisme tegen te gaan. Een onduidelijke en onwerkbare situatie voor iedereen. Bovendien: waar houdt je zorgplicht op als bank? Hoever mag of moet je gaan bij het melden van transacties? Veel banken weten niet zeker welke transacties ze wel en niet moeten melden en kiezen voor de makkelijkste oplossing: alle transacties dan maar melden. Zonder enige verdenking worden dus miljoenen klanten gecontroleerd. Niet alleen heeft de AFM onvoldoende capaciteit om al die meldingen te onderzoeken, dit trekt ook een behoorlijke wissel op het bedrijfsleven en beroepsbeoefenaren. Of de banken kiezen er uit onzekerheid voor om bepaalde typen klanten dan maar helemaal niet meer te bedienen. Zo gaf ING bijvoorbeeld aan haar dienstverlening aan klanten waar zij een “beperkte klantrelatie” mee had te staken. Het is niet moeilijk om te bedenken wat voor invloed dat heeft op je imago als bank.

Technologische voorsprong benutten

Uit onderzoek van het CBS in 2018 bleek dat het vertrouwen in de banken door al deze maatregelen de laatste drie jaren weer toeneemt. Zeer hoopgevend! Niettemin gaan de banken de komende jaren door met serieuze slagen maken in het verbeteren van hun imago. Door de dienstverlening rondom KYC efficiënter en transparanter te maken. Door hun technologische voorsprong beter te benutten en te vergroten. Systemen beter met elkaar te laten communiceren of zelfs te integreren in één systeem waarin dubieuze transacties heel makkelijk en snel gesignaleerd kunnen worden op basis van algoritmes. En waarin het implementeren van een nieuw reglement voor een bank straks net zo eenvoudig wordt als het updaten van je smartphone.

Die technologische sprong voorwaarts betekent goed nieuws voor de banken, want de compliance-afdelingen van financiële instellingen zullen het de komende jaren bepaald alleen maar drukker krijgen: naar verwachting krijgt de sector tot 2021 te maken met nog eens 374 nieuwe wetten en regels die ervoor moeten zorgen dat financiële partijen in de pas blijven lopen. Dat blijkt uit het rapport ‘Ready for Digital Regulation?’ van JWG, specialist op het gebied van financiële regelgeving. En vanaf 2021 worden de landen die lid zijn van de Financial Action Taskforce – dus ook Nederland – op basis van deze nieuwe normen geëvalueerd.

De oplossing: één centraal orgaan voor CDD?

Voordat ik de rol van Business Manager bij EIFFEL ging vervullen, heb ik zo’n acht jaar voor de Rabobank gewerkt. Daar heb ik met eigen ogen gezien hoe het bij banken werkt. Wat ze zelf doen om hun reputatie te verbeteren en hun klantinzicht op orde te krijgen. En waar ze mee worstelen. In mijn beleving is een branchebrede, uniforme en duidelijke aanpak hard nodig. Eén centraal orgaan dat alle signaleren die betrekking hebben op KYC monitort, en de handhaving coördineert en structureert. Zo weten de banken precies aan welke criteria ze moeten voldoen. Kunnen ze de communicatie naar hun klant zo vormgeven dat het voor iedereen helder is. En de burgers en ondernemers? Die kunnen er weer rustig op vertrouwen dat de bank het beste met hen voor heeft. Al blijven DNB en AFM natuurlijk wel een oogje in het zeil houden 😉